Posts tonen met het label Learning. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Learning. Alle posts tonen

dinsdag 6 november 2012

Nivelleren in 2012


Nivelleert u al?

Het tweede kabinet Rutte is gisteren twee keer geïnstalleerd. Dat is nog eens een stevig fundament. Dat zullen ze trouwens wel nodig hebben want de weersvoorspellingen zijn onheilspellend. Nivelleren is het credo. Voor de één is het een feestje, voor de ander is het een regelrechte ramp.

Het draait deze weken om de zorgpremie. Ons vakgebied (security) is vaak vergeleken met een (zorg)verzekeringspremie. Als ik kijk waar de commotie in het land over bestaat trek ik al vlug een vergelijking met mijn eigen professie.

Ik zie veel mensen erg bewust beslissingen nemen over de verzekeraar waar ze zich het komende jaar aan verbinden. Daarbij wordt nauwkeurig gekeken of ze niet te veel betalen voor risico’s die ze niet lopen. Een goede vriend van mij windt zich erg op over kraampakketten die hij kan krijgen. De beste man heeft geen kinderplannen meer met drie koters op de achterbank.  

Wellicht herkent u het elan waarmee dit soort beslissingen besproken worden?

Waar het bij Rutte II helaas aan ontbreekt is een duidelijke visie op de effectiviteit van zorg, het terugdringen van de vraag naar zorg, de efficiëntie van zorg en het verminderen van de kosten van zorg. Kortom, waar individuele inwoners van het land zich druk maken over herverdeling van kosten, ontbreekt leiderschap en visie ten aanzien van de grootste kostenpost in het land.

En nu de parallel met security in de organisaties die ik bezoek.

Ik zou willen dat alle medewerkers van een organisatie zich persoonlijk druk zouden maken over security. Ze zouden bewust ongerust moeten zijn over de veilige omgang met enerzijds klantgegevens, maar anderzijds ook hun eigen gegevens in hun personeelsdossier. Het zou fantastisch zijn als het midden management met hun vuist op tafel de kwaliteit van hun werk (lees ‘veilig omgaan met vertrouwelijke gegevens’) staat te verdedigen. Vuur en passie. Hebt u het laatst nog gezien tijdens het werkoverleg?

Een ander punt is dat security door directies onvoldoende serieus genomen wordt. Daarligt toch echt een uitdagende taak voor de security officer. Maar nee, security bestaat uit een jaarlijkse investering in een nieuwe technische oplossing. Die investering wordt gedaan op basis van een overtuigende account manager van ‘Wij van WC-eend’.

Om dat te begrijpen verwijs ik je naar een goed commentaar van Fred Streefland in de Computable van 5 november j.l. Hij beschrijft het onvermogen van organisaties om te leren van het verleden. Daarbij geeft hij aan dat veel beslissingen in security genomen worden op basis van enthousiaste verhalen van ‘Wij van WC-eend’. Ik onderschrijf zijn mening dat organisatie beslissingen moeten baseren op een goede analyse van de risico’s die ze lopen. Er blijft een geaccepteerd restrisico over, dat niet beveiligd hoeft te worden.

Als je dan als organisatie zover bent dat het risicomanagement goed is ingeregeld komt het er op aan om security management professioneel in te richten. Daar komen visie en leiderschap ten aanzien van de effectiviteit van security, efficiëntie van security en beheersing van de kosten van security weer om de hoek kijken. Staat dat bij u in de organisatie goed op het netvlies van verantwoordelijke directieleden en/of managers?

Denk eens na over de verdeling van kosten voor security. Als security gezien wordt als een IT-gerelateerd onderwerp betalen afdelingen waarschijnlijk naar rato van het aantal IT-diensten dat ze afnemen. 

Daarentegen is het een leuke discussie als afdelingen zouden moeten betalen naar de mate waarin ze risico lopen. HR heeft personeelsdossiers, marketing & sales hebben klantgegevens, R&D heeft intellectuel property, de polisadministratie en zorgafdelingen verwerken veel patiëntgegevens. 

Je kunt natuurlijk ook nivelleren op basis van de omzetten die afdelingen genereren of verwerken. Marketing & sales, productieafdelingen en logistiek kunnen dan zwaarder 'aangeslagen' worden.    

Ik wens Rutte veel succes met de discussies over zorgpremie en koopkrachtplaatjes. Daarnaast zou ik iedere security professional willen aansporen om even over de muren van het eigen werkterrein te kijken. Dring bij directies en midden management aan op een professionele aanpak ten aanzien van security. Geloof vooral alle commerciële blauwe ogen die je de nieuwste vinding komen aanprijzen. Maar blijf bewust van de risico’s die je wilt afdekken.

‘Nee, ik wil geen kraampakket!’. 



woensdag 7 maart 2012

‘Privacy is een doodgeboren paard’ (NRC Next, 7 maart 2012)


De nieuwe iPad is vandaag aangekondigd en ik besluit te berichten over privacy. Het zijn onvoorstelbare getallen waar Apple ons mee overdonderd: 315 miljoen IOS-apparaten verkocht, waarvan 65 miljoen in het laatste kwartaal van 2011 (Webwereld.nl). Daarbij komt dat er meer dan 585.000 apps in de appstore staan waarvan 200.000 voor de iPad.

Onvoorstelbaar? Ga even zitten!

Er zijn meer dan 25 miljard apps gedownload! Dat is gemiddeld 80 apps per iPhone of iPad!

Ik wil dan toch wijzen op een rapport van ENISA waarin meer dan 65 risico’s in het ecosysteem van de Appstore en Android market zijn geïdentificeerd.  Als organisatie heb je geen controle meer over de aanschaf of ontwikkeling van veilige software. Dat ligt in handen van potentieel 585.000 individuele app-ontwikkelaars, Apple, Google en RIM (BlackBerry). Hoezo, privacy met zoveel iPads, apps en risico’s?  

En dat heb je binnen de muren van je organisatie toegelaten. Erger nog, ook buiten de muren van je organisatie, waar medewerkers onder het genot van een kopje Starbucks koffie vertrouwelijke klant- of patiëntgegevens zitten te verwerken.

Wat moet je dan met de titel van deze blogpost: ‘Privacy is een doodgeboren paard’?

Het artikel gaat in op de geschiedenis van privacy en stelt dat ‘privacy al 200 jaar wordt bedreigd met uitsterven. En zo hoort het!’

Vandaag is ook de dag van de Big Brother Awards, voor ‘de grofste privacyschenders van het jaar’. Hierin neemt de overheid een groot deel van de genomineerde instanties voor haar rekening. Daarbij komt dat de Europese Unie recent nog met wetsvoorstellen is gekomen voor strengere online privacybescherming. Kortom, het is een onderwerp dat aandacht verdient en ook krijgt.

Privacy is volgens de auteur van het artikel (Lynn Berger) een bedreigde diersoort. De aandacht voor een bedreidge diersoort ontstaat als de bedreiging reëel is. Anders is het de aandacht niet waard. Het speelt geen enkele rol als we onze dagelijkse bezigheden op sociale media neerzetten. Maar als Google op 1 maart de privacyvoorwaarden van al haar individuele producten stroomlijnt stromen de media weer vol met tips, trucs en waarschuwingen.

Privacy is natuurlijk niet een technologie-gebonden issue! Het fotograferen van straten door Google wordt in ieder land anders beleefd. Topless zonnen is in Nederland ook aanvaard, terwijl het in Amerika ondenkbaar is. Daarentegen spreken Amerikanen honderduit over hun salaris en zijn de kaken daarover in Nederland stijf op elkaar gesloten.

Voor de oude Grieken was duidelijk dat deelname aan debat een beter mens van je maakte. Je moest wel deelnemen aan het openbare leven, waardoor je privacy onder druk kwam te staan. Ronddwalen in je eentje kon in de Middeleeuwen een teken van krankzinnigheid zijn.

In de achttiende eeuw is de mens begonnen met het opnieuw erkennen van privacy. Denk aan aparte kamers in de architectuur en stemhokjes. Sindsdien hebben zowel groepen en geloofsgemeenschappen in de samenleving, als koningshuizen zich beklaagd over gebrek aan privacy. Het ‘interview’ werd in Europa gezien als een inbreuk op de privacy, terwijl het ontstond in Amerika waar de hang naar details over het privéleven toenam.

Privacy is altijd ‘tegen’ iets: staatsinvloed of –inmenging, sociale bemoeienis, journalistieke nieuwsgierigheid. Het balanceert op de rand van de steeds veranderende samenleving. Iedere schending van privacy is een ‘ijkmoment’. Privacy gaat over de grens tussen publiek en privé.

OK, mooi dat historisch besef! Maar hoe moet je daar nou mee omgaan?

Je moet er niet voor weglopen. Door de grens op te zoeken, het positief te benaderen en het debat erover te voeren is het voor zowel voor- als tegenstanders duidelijk waar de grens ligt. Het is een discussie binnen jouw organisatie, waar alle controle over aanschaf of ontwikkeling van veilige software weg is gevallen. Dat geldt ook voor de beheersbaarheid van veilige omgang met vertrouwelijke informatie door je collega’s. Zij werken buiten de deur op eigen apparatuur en leggen contact via een, door henzelf gekozen, provider.

Kortom, je zult als CEO, CIO of Security Officer een weg moeten vinden om verloren terrein goed te maken. Volgens mij is het meer dan gerechtvaardigd om de discussie aan te gaan over het monitoren van gebruikersgedrag, lees ‘de veilige omgang met vertrouwelijke informatie buiten de grenzen van de organisatie’. Het historisch besef van privacy, waar het geciteerde artikel een mooie beschrijving van geeft, helpt je bij het aangaan van die discussie.

Het College Bescherming Persoonsgegevens heeft trouwens een goede richtlijn opgesteld voor het monitoren van gebruikersgedrag (internet/email): ‘Goed werken in netwerken’. Daarin staan goede vuistregels. 


Monitoren van gebruikersgedrag is een essentiële component van de beveiliging binnen de organisatie. Dit heb ik ook in de vorige blog post 'Security en Het Nieuwe Werken' aangegeven. 

Lynn Berger is auteur voor o.a. NRC Next. Zij werkt aan een proefschrift over de geschiedenis van privacy aan de Colombia University in New York. Ikzelf werk al meer dan 20 jaar op het snijvlak van organisatie en IT. Daarvan richt ik me de laatste 12 jaar op security.