zaterdag 30 juni 2012

Veilige Social Business vraagt om de juiste kaders!

Organisaties worstelen zich door het oerwoud van nieuwe trends. Het Nieuwe Werken, cloud computing, social media en bring your own device (BYOD) zijn erg populair als ik om me heen kijk. Het gaat daarbij om loslaten, vertrouwen, verbinden, sturen op resultaat en eigen verantwoordelijkheid. Deze trends vragen om transparantie van binnen naar buiten en andersom.

In de BYOD-workshops die ik bij organisaties geef zie ik de worsteling tussen directies, midden management en medewerkers. Maar ook tussen medewerkers onderling. Wat betekent die nieuwe openheid nu voor de mensen individueel? En wat kunnen ze samen aan voordelen er uit halen? Kunnen ze er ook iets mee naar hun klanten? Waar liggen grenzen? Wordt de productiviteit er niet mee ondermijnd? Of wordt de productiviteit er juist door gestimuleerd?

Bij invoering van Het Nieuwe Werken zie je vaak de ‘bricks & bytes’ op orde gebracht worden. Relatief nieuwe kantoorpanden worden verlaten, nieuwe kantoorconcepten worden op kansvolle braakliggende terreinen uit de grond gestampt. Iedereen een laptop, een smartphone, een tablet, een flexibel contract, een flexibele onkostenvergoeding en we zijn er!

Helaas wordt de derde ‘b’ van ‘behaviour’ vergeten. We leren de mensen niet hoe ze samen moeten werken, hoe ze informatie met elkaar moeten delen. En wat zijn de kaders die openheid en sociale cohesie tot een succes voor de organisatie maken? 

Ik zie veel organisaties op die manier de eerste stapjes zetten naar een intensievere sociale cohesie. Enerzijds onderling tussen medewerkers en anderzijds in relatie tot hun omgeving. Die sociale cohesie en transparantie moeten echter wel ergens toe leiden. Onderstaand zijn een aantal doelstellingen weergegeven:

·        Medewerkers vinden sneller kennis in de organisatie.

·        Innovatie kan sneller.

·        Organisatiebrede communicatie kan sneller en effectiever.

·        Overnames en organisatieaanpassingen kunnen beter begeleid worden.

·        Kennis en informatie is sneller beschikbaar in het contact center (betere klantafhandeling).

·        Up-to-date kennis en informatie is beschikbaar voor sales.

·        Klanten worden langer aan de organisatie verbonden door communities.

·        Klanten kunnen intensiever en effectiever informatie krijgen over de organisatie, de dienstverlening en de producten.

·        Klanten kunnen problemen snel oplossen, mede op basis van andere klantervaringen.

·        Klanten kunnen vaker benaderd worden, de klantrelatie wordt hechter.

·        Klanten kunnen betrokken worden bij innovatie.

·        Nieuwe producten en diensten kunnen sneller en effectiever onder de aandacht van klanten gebracht worden.

·        Nieuwe medewerkers kunnen via social media en communities gerecruteerd worden.

·        Het imago van de organisatie kan positief ondersteund worden.

·        Problemen van klanten kunnen wereldwijd in behandeling genomen worden.

·        Nieuwe klanten dienen zich aan via social media.

·        De concurrentie is beter in beeld op social media.

Nou, als dat de voordelen zijn: ‘Aan de slag dan met die social business oplossingen!’ 

NB! Ik heb het hier niet over een Facebook-pagina, een LinkedIn-account, een Yammer-account en een Dropbox-account. Natuurlijk ben je dan al lekker op weg, want veel organisaties zien de voordelen hiervan nog niet. Maar het gaat hier over integrale social business oplossingen die in het hart van je organisatie komen te staan. Interne blogs, whiteboards, presentation area’s, knowledge rooms, knowledge inventories, … De lijst is te lang om verder op te noemen. Onder andere Microsoft, IBM, JIVE bieden deze integrale social business oplossingen.

Een mooi voorbeeld zag ik van het Leger Des Heils. Zij gaven op de Social Business Convention in Rotterdam vorige maand  een presentatie over het gebruik social business software binnen hun organisatie. Met de titel ‘Hoe sociaal kun je worden?’ gaven ze inzicht in de voordelen voor henzelf en hun hulp aan de kansarmen in de samenleving. Voor hen geldt natuurlijk niet het voordeel dat hun ‘concurrentie’ beter in beeld is. Ik denk dat iedere organisatie zijn eigen voordelen er uit kan en wil halen.

OK, openheid en transparanties dus? Maar wat betekent dit voor de verantwoordelijkheid van medewerkers in bijvoorbeeld zorginstellingen, financiële instellingen en andere organisatie waar met vertrouwelijke informatie gewerkt wordt?

Vrijheid, eigen verantwoordelijkheid, vertrouwen en sturen op resultaat vormen de nieuwe managementstijl. Iedereen moet plaats- en tijdonafhankelijk kunnen werken. Maar veel managers weten dat medewerkers binnen de muren van de organisatie van elkaar verschillen. Op basis van situationeel leidinggeven hanteert de manager een zekere stijl bij een ervaren en verantwoordelijke medewerker. Die verschilt weer van de aansturing bij een minder ervaren en jongere collega. Ik sprak hier al over in een eerder artikel.

Wordt dat anders als ze op een andere plek of op een eigen apparaat werken?

Nee, naar mijn mening blijft die, op de individu afgestemde, managementstijl noodzakelijk. Veel medewerkers zullen niet kunnen omgaan met die enorme vrijheid. Ze hebben het praatje bij het koffieapparaat nodig, ze hebben fysieke aanwezigheid van collega’s nodig, ze hebben vaste structuren en werktijden nodig. De kans is groot dat deze medewerkers verzuipen in vrijheid.

Vorige week hoorde ik op BNR Nieuwsradio de column van Ewald Theunisse over ‘het nieuwste werken’. Hij sprak ook over die opdeling tussen medewerkers.

Als je behoort tot de groep die optimaal van vrijheid en eigen verantwoordelijkheid wilt genieten, dan raad ik je het boek ‘Slimmer werken met het kantoor in je tas’ van Gerald Essers aan. Boordevol slimme tips voor de ‘nomad worker’.

Loslaten is OK, maar de verbinding is nodig in het kwadraat! Het nieuwste werken, in social business,  vraagt om een individuele afstemming.

Goed, nu weer terug naar die vertrouwelijke gegevens.

Wet- & regelgeving zetten druk op de openheid. De Wet Bescherming Persoonsgegevens wordt momenteel aangescherpt. Als een datalek ontdekt wordt moeten organisaties daar melding van gaan maken bij het College Bescherming Persoongegevens. De sancties die het CBP mag opleggen worden sterk verruimd. Er is sprake van een maximale boete van 200.000 euro!

Betekent dit dat we die openheid en sociale cohesie met de omgeving dan maar in de ijskast moeten zetten?

Dat zal iedere organisatie voor zichzelf moeten uitmaken. Ik kan me voorstellen dat wereldwijde reiskosten enorm hoog oplopen. Het toepassen van skype, in combinatie met de kans op datalekken (lees boetes van het CBP), kan in zo’n situatie een meer dan sluitende business case opleveren.

Ik ben een groot voorstander van de openheid en de genoemde sociale cohesie. Maar vanuit mijn professie ben ik me terdege bewust dat er grenzen aan zitten als er met vertrouwelijke gegevens gewerkt wordt. In mijn werk hoor ik het hele spectrum aan meningen voorbijkomen. Dat is een razend spannende beleving. Hoe rolt de bal? Waar worden de piketpalen geslagen in de discussies?  Hoe bang is de directie? Welke verantwoordelijkheid tonen directieleden? In welke mate volgen medewerkers dat voorbeeldgedrag? Welke sluipweggetjes worden gevonden?

Het is een mooie tijd als beveiliger. Mensen willen meer vrijheid en meer verantwoordelijkheid. Sommige kunnen dat, anderen moeten daarbij geholpen worden. Feit blijft dat social business ook verantwoord gedrag met vertrouwelijke gegevens nodig heeft.

Ik zorg dat ik de komende tijd bij de discussies betrokken blijf. Het is leuk om een bijdrage te leveren aan ‘loslaten en verbinden’, met een accent op vertrouwen. Vertrouwen bedoel ik dan op twee manieren: de manager die zijn medewerkers vertrouwt en de professionele omgang met vertrouwelijke gegevens door diezelfde medewerkers.

In een volgend blogartikel zal ik verder ingaan op randvoorwaardelijke aspecten die spelen bij veilige verwerking van vertrouwelijke gegevens in een social business.

Blijf alert! Cybercriminelen houden je in de gaten!

donderdag 3 mei 2012

Wanneer is security effectief?

In de rol als Security Manager heb ik in het verleden verschillende voorstellen gedaan voor nieuwe security trajecten. De beslissers die ik tegenover me trof waren op dat moment eigenlijk maar in één ding geïnteresseerd: ‘Wat is de Return On Security Investment?’ Of te wel: ‘Al zet je tien slagbomen voor ons kantoor, ik wil weten wanneer ik die euro’s terugverdien’.

Als beslisser kun je jezelf vandaag de dag echter niet meer onttrekken aan een gefundeerde mening over security. Of je wordt persoonlijk aansprakelijk gesteld, of de reputatie van jouw organisatie wordt geschaad. Dit kan al door een simpele USB-stick die een van je medewerkers verliest.  Je moet er grip op krijgen!

De vraag is echter: Wanneer vind je security effectief?

Voor iedereen binnen een organisatie zal dit een ander antwoord opleveren. Zo zal de directie geïnteresseerd zijn in de organisatiebrede verdeling van verwantwoordelijkheden en budgetten voor security. De IT-Manager wil graag weten in hoeverre securityprocessen (vulnerability management, patch management, incident management) effectief zijn. De business unit manager wil graag weten in hoeverre zijn processen veilig en effectief door IT-security ondersteund worden. De IT-Security Officer is op zoek naar de effectieve werking van security oplossingen. De Corporate Security Officer heeft van nature interesse in alle bovenstaande zaken, dat legt zijn functie hem op.

Dit zijn slechts enkele voorbeelden van de individuele waardebeleving rondom security.  Een ander aandachtspunt hierbij is dat iedereen de lat voor zichzelf op een andere hoogte legt. Dit heeft direct te maken met het accepteren van restrisico’s. Het risicoprofiel van de organisatie speelt hierin naar mijn mening een grote rol.

Omdat de informatiebehoefte zo verschilt per rol in de organisatie moet security monitoring & rapportage hiermee rekening houden. Een samenhangende verzameling security metrics zal die gemengde informatiebehoefte moeten invullen. Voor mijzelf komt hier de samenhang tussen mens, proces en techniek om de hoek kijken. Voor ieder van die drie aandachtspunten zullen security metrics opgenomen moeten worden in de rapportage. De onderstaande tabel geeft enkele voorbeelden.

Categorie
Voorbeeld
Mens
·         Aantal medewerkers die de awareness training hebben doorlopen.
·         Aantallen afdrukken die op de printer zijn achtergelaten.
·         Naleving van de Clean Desk Policy.
·         Aantallen mails met vertrouwelijke data naar ‘privé’-accounts.
Proces
·         Gemiddelde tijd om incidenten op te lossen.
·         Gemiddelde kosten om kwetsbaarheden te identificeren en op te lossen.
·         Percentage systemen die gepatched zijn op het vereiste niveau.
Techniek
·         Aantal tegengehouden DDOS-aanvallen.
·         Aantal virussen die zijn ontdekt.
·         Aantal virusuitbraken die zijn voorkomen.
·         Aantal botnets die zijn ontdekt.


Momenteel zijn verschillende fabrikanten van securityproducten in staat om grote hoeveelheden informatie te rapporteren. Op basis van SIEM-oplossingen en GRC-oplossingen worden adviezen gegeven en workflows in gang gezet om geconstateerde misstanden op te lossen. Zo kan de RSA Envision SIEM-oplossing méér dan 1500 standaard rapporten opleveren. Een GRC-oplossing is in staat om te rapporteren over een totaal framework als COBIT met honderden controls en bijbehorende metrics, die voornamelijk gericht zijn op processen.

Het is bijna onmogelijk om hieruit een effectieve standaardrapportage te kiezen die recht doet aan de verschillende waardebelevingen met betrekking tot security, zoals ik die bovenstaand heb aangegeven.  

Is er tot nu toe dan geen set security metrics samengesteld die inspeelt op individuele wensen en de drie aandachtspunten mens, proces en techniek? Het antwoord is ja, en nee!

Er zijn verschillende initiatieven. Binnen COBIT 5.0 is de bijdrage van IT (en daarmee IT-security) aan de business centraal komen te staan. Zoals ik al eerder aangaf is COBIT erg procesgeoriënteerd. ISO 27004 geeft een richtlijn voor security metrics met betrekking tot het security management proces (ISO 27001). NIST heeft op basis van SP 800-55 een richtlijn opgesteld voor security metrics die meer technisch geörienteerd zijn. Het Center for Internet Security heeft een verzameling metrics samengesteld die grotendeels procesgeoriënteerd zijn.

Andrew Jaquith heeft met zijn boek ‘SecurityMetrics: Replacing Fear, Uncertainty, and Doubt’ in mijn ogen de beste kijk op security metrics neergezet. Dat is onderbouwd door de periodieke MetriCon meetings waar indringend gediscussieeerd wordt over de juiste security metrics. In hoofdstuk 10 bouwt Jaquith een ‘Balanced Security Score Card’ op met de indeling: financieel, klant, intern proces en leren & groeien. De voorbeelden van security metrics die hij geeft zijn veelzijdig en kunnen goed gebruikt worden om individuele wensen in te vullen. Daarbij is het ook mogelijk om samenhang aan te brengen tussen mens, proces en techniek.

Heeft Jaquith daarmee de ultieme methode en verzameling security metrics te pakken?

Wellicht, maar bedenk goed op welke wijze jouw organisatie stuurt op organisatiedoelstellingen. De balanced scorecard methode, zoals Jaquith in hoofdstuk 10 beschrijft, is van nature een top-down aanpak. Dat houdt in dat midden management en medewerkers mee moeten in de rapportagecultuur en beperkte mogelijkheid hebben tot eigen inbreng. De effectiviteit van security besturen in een organisatie is in mijn ogen sterk afhankelijk van de wijze waarop de organisatie als geheel bestuurd wordt. En de balanced score card past daar misschien niet bij.

Als je in jouw organisatie de effectiviteit van security duidelijk wilt maken, houd dan goed rekening met de individuele wensen. En probeer samenhang aan te brengen tussen mens, proces en techniek. Als je al gebruik maakt van standaardrapportages houd die dan eens tegen het licht en bekijk of ze voldoen aan die individuele wensen. Pas ze zonnodig aan.
Heb jij specifieke ervaringen op dit gebied, of heb je een uitgesproken mening over de waarde van security? Laat die dan weten! Alvast bedankt.  

zondag 29 april 2012

Je software wordt veilig!

Kwetsbaarheden voorkomen is goedkoper dan ze tijdens het gebruik van software verhelpen. Dat is in onderzoek al diverse keren aangetoond. 


Eerder gaf ik al aan dat softwarebedrijven de plicht hebben om veilige software af te leveren. Daarvoor kunnen ze dan gebruik maken van een methode als OpenSAMM. 


Door mijn allergie tegen onveilige software vallen berichten hierover me steeds vaker op. Zo ook het bericht dat Google het testen van Chrome geautomatiseerd heeft. Google heeft een 'virtuele' martelkamer ingericht waar 6000 instances van de Chrome-browser worden bestookt met 50 miljoen flodders code per dag. 


Het heeft ook al diverse kwetsbaarheden aan het licht gebracht waarvan een substantieel deel al voor release zijn ontdekt en verholpen. 


Nu heeft Google het proces van Fuzzing geoptimaliseerd, want het schieten met hagel heeft zelden voldoende resultaat. Het hoge aantal parallelle tests, waaraan Chrome wordt blootgesteld, levert genoeg informatie op om voortijdig de kwetsbaarheden te ontdekken. 


Deze manier van werken is natuurlijk niet voor iedere organisatie weggelegd (kosten, complexiteit, ...). Maar dat neemt niet weg dat iedere organisatie die applicaties bouwt de ambitie moet hebben om veilige software af te leveren.


Ik denk zelfs dat iedere organisatie die nieuwe software aanschaft ook de plicht heeft om de leverancier op de pijnbank te leggen om er achter te komen hoe veilig ze de software hebben gebouwd. Software is een duur bedrijfsmiddel en daar mogen we eisen aan stellen als afnemer! 


Is de software die jouw organisatie gebruikt veilig? Of is er een laag 'veiligheid' omheen geknutseld?


Ik ben benieuwd.


Blijf alert! Niet alleen de software op je PC moet veilig zijn, maar ook al je apps! Heb je daar controle over? Bekijk het ecosysteem van de app-stores. Daar zijn meer dan 65 risico's in vastgesteld!


  

zaterdag 28 april 2012

Security organiseren - de triade (2)

In een vorig artikel heb ik aangegeven dat na een certificeringstraject voor ISO 27001 al vlug sprake is van practical drift. De discipline van verantwoord omgaan met vertrouwelijke informatie verandert al vlug in nalatigheid (bewust of onbewust). 


Voor goede aandacht voor security binnen een organisatie ben ik er van overtuigd dat de CEO, de CIO en de CSO intensief moeten samenwerken. Todd Fitzgerald heeft daar een goed artikel over geschreven in 2007. Ondanks dat security zich in snel tempo aanpast aan de ontwikkelingen op het gebied van cybersecurity blijft datgene wat Todd Fitzgerald beschrijft van waarde. 


Het spreekt me erg aan juist omdat het uitgaat van een gedeelde verantwoordelijkheid waarbij de betrokkenen elkaar moeten vinden en begrijpen. En dat is vaak niet het geval in een (hiërarchische) organisatie. 


Het vorige artikel zoomde in op de vragen die de CEO aan de CSO kan stellen voor een betere samenwerking. Onderstaand zijn de vragen weergegeven die de CIO aan de CSO kan stellen.

  • Welke inspanning is er minimaal nodig om veilige software te ontwikkelen?
  • Wat moeten we doen om audit issues te voorkomen in de softwareontwikkeling, zonder significante kosten of vertragingen op te lopen bij onze IT-projecten?
  • Hoe zie jij jouw rol, als reviewer van geïmplementeerde securitymaatregelen of als promoter vóór de implementatie?
  • Welke technologieën zijn er beschikbaar om het arbeidsintensieve aspect van patch management, vulnerability management, configuration management en compliance monitoring te verminderen?
  • Kun je nuttige informatie over reële risico’s in onze branche en alternatieve tegenmaatregelen die organisaties gebruiken opleveren?
  • Hoe kunnen we verzekeren dat we aan minder risico’s blootstaan, zodanig dat we op een acceptabel risiconiveau zitten?
  • Welk tastbaar voordeel bieden de investeringen in security om de business mogelijk te maken?
  • Welke interne en/of externe audit issues worden verholpen door de investeringen in security?
  • Welke IT-resources zijn nodig, in aanvulling op security medewerkers, om de security oplossing te kunnen implementeren? Welke ondersteuning van de business hebben we nodig?
  • Hoe integreren we de security eisen in het software ontwikkelingsproces? Voeren we die taken al uit?
  • Hebben we alle noodzakelijke kennis en ervaring in huis om deze security oplossing te implementeren? Moeten we wellicht overwegen om enkele van de functies uit te besteden?
  • Wat zijn de kritieke succesfactoren voor succesvol beveiligen van de IT-infrastructuur? Hoeveel is genoeg?
  • Hoe kun jij me helpen om mijn tijd en inspanning, met betrekking tot compliance activiteiten, te reduceren?
Er zijn natuurlijk veel vragen te bedenken. Het komt er op neer dat verantwoordelijke mensen binnen de organisatie zich er van bewust zijn dat ze die gedeelde verantwoordelijkheid hebben. Je kunt hier natuurlijk vanuit vele invalshoeken je licht op laten schijnen (leiderschap of onderhandelen). Maar dat gaat te ver voor dit artikel.  

Zie jij binnen jouw organisatie hoe de drie (CEO,CIO en CEO) samenwerken op het gebied van security? Of zie jij geheel andere positieve verbanden waardoor security juist goed georganiseerd is? Dat is interessant. Laat het me weten!

Blijf alert! Je hebt het laatste artikel over de triade nog van me te goed. Heb je opmerkingen, of wil je bepaalde onderwerpen terugzien? Laat het me dan weten. Reageer!



vrijdag 20 april 2012

Verzuim - privacy van medische gegevens!

Mijn medisch dossier inzien ? Nee, dat is iets tussen mij en mijn arts.

Zembla zendt haar tweede uitzending over 'Verzuimpolitie' uit. Op kinderlijk eenvoudige wijze wordt duidelijk dat medische dossiers kunnen worden blootgelegd. Als security professional ben je wel wat gewend en sta je niet zo snel raar te kijken van dit soort beveiligingsissues.

We hebben DigiNotar en 'lektober' gehad, NING heeft ook de mogelijkheid geboden om 100 miljoen accounts in te zien. Maar in de uitzending van Zembla kwam die dagelijkse werkelijkheid wel heel dichtbij. Professor Bart Jacobs (Radboud Universiteit Nijmegen) schrok toen hij de gegevens kon inzien. Hij wilde op een gegeven moment de informatie niet eens inkijken. 

Het start al op het moment dat door 'case managers' medische gegevens gevraagd worden aan zieke medewerkers. Vervolgens worden die gegevens opgeslagen in de verzuimsoftware. Je staat er niet eens meer van te kijken dat zoiets gebeurt. De wet vraagt om actieve participatie van werkgever en zieke medewerker om het arbeidsverzuim efficiënt terug te dringen. Dan springen gewillig allerlei commerciële bureau's in het 'gat van de markt'.

Kun je dit tegengaan?

Wetgeving en gaten in de markt, waar iedereen gewillig in springt, zijn moeilijker te beïnvloeden. Dat is helder. Op dat vlak zal zeker veel moeten gebeuren. Maar het veilig ontwerpen, ontwikkelen, testen, in gebruiknemen en beheren van software is niet iets dat je links kunt laten liggen.

Softwareontwikkelaars hebben de simpele plicht om software veilig te maken. Onderzoek heeft ook aangetoond dat het voorkomen van kwetsbaarheden in software goedkoper is dan het verhelpen van kwetsbaarheden als de software al in gebruik is.   

Veilige software ontwikkelen is een organisatieaspect voor softwarebedrijven. Om dit goed in te richten is er bijvoorbeeld het OpenSAMM raamwerk. Een procesmatige aanpak waarin risicomanagement gedurende de gehele software lifecycle is verweven.

OpenSAMM of soortgelijke raamwerken lijken erg complex en overdone voor het probleem. Toch ben ik van mening dat het een (in)directe koppeling zou moeten hebben met wetgeving waarin gesteld wordt dat vertrouwelijke (medische) gegevens 'adequaat' beveiligd moeten worden 'naar de stand van de techniek'. 

Als een organisatie gecertificeerd is voor ISO 27001/2 kan met enige zekerheid iets gezegd worden over de beveiliging van vertrouwelijke gegevens. Echter deze internationale standaard richt zich maar voor een klein deel op de veilige ontwikkeling van software. Daar hoort mijns inziens echt een verdiepingsslag achter (de koppeling met raamwerken als OpenSAMM).

Doktortje spelen als commercieel bureau is verwerpelijk. Onveilige software ontwikkelen ligt daar mee in lijn. Denk hier over na als je in jouw organisatie een nieuw softwaretraject opstart. Beter nog, denk hier over na als je nieuwe software aanschaft! Ook dan heb je de verplichting om de kwaliteit van je bedrijfsmiddel onder de loep te nemen!

Een medisch gegeven van mijzelf wil ik wel met je delen. Ik ben allergisch voor onveilige software!

Blijf alert - je hebt nog enkele artikelen te goed over de securitytriade (CEO, CIO en CSO) en wetgeving met betrekking tot cybersecurity! Tot de volgende post!



dinsdag 3 april 2012

Security organiseren - de triade

ISO 27001 is dé richtlijn voor het inrichten van een Information Security Management Systeem.  Voordat een dergelijk ISMS gerealiseerd is moet er vanzelfsprekend een berg werk worden verzet. Gedurende het implementeren van alle documenten, processen en technologie neemt het bewustzijn voor security in de hele organisatie toe. Men wordt alert en er ontstaat een mindset voor risicomanagement.


Als eenmaal het ISMS werkt blijft het de vraag of de hele organisatie zo scherp blijft? De 'practical drift' maakt dat na verloop van tijd de aandacht verloren gaat en in feite het risicoprofiel van de organisatie geleidelijk toeneemt. 


Hoe voorkom je dit? 


Hierover is in 2007 een pakkend artikel geschreven door Todd Fitzgerald van de Taylor Francis Group. Het spreekt me aan omdat hij ingaat op de rollen van enkele sleutelfiguren in de organisatie:

  • De CEO moet als bestuurder het belang inzien van security en datzelfde belang uitdragen naar alle medewerkers.
  • De CIO is verantwoordelijk voor veilige IT, waarvan de business alleen maar nog meer afhankelijk wordt de komende jaren. 
  • De CSO is veelal verantwoordelijk gemaakt voor de organisatiebrede security. Maar hij kan met gebrek aan budget en bevoegdheden niet zonder de andere twee. 

Het komt dan ook aan op een sterk verbond tussen de directie (CEO), de IT-Manager (CIO) en de Security Manager (CSO). Deze triade brengt, door het stellen van de juiste vragen, security op een hoger plan binnen de organisatie. Onderstaand zie je enkele voorbeelden van vragen die de CEO aan de CSO kan stellen. 

  • Hoe reduceert deze investering in security de bedrijfsrisico’s die we als organisatie lopen?
  • Hoe voorkomt de investering dat de naam negatief in de publiciteit komt?
  • Hoe draagt de investering bij aan de kwaliteit van ons stelsel van controle- en beheersmaatregelen, zodat ik (de CEO) er zeker van ben dat we alle beschreven bedrijfsactiviteiten en –processen eenduidig uitvoeren?
  • Voldoen onze securitymaatregelen aan alle relevante wet- & regelgeving?
  • Hoeveel investeren onze concurrenten in security?
  • Hoe ondersteunt deze investering in security onze belangrijkste dienstverlening en/of producten?
  • Reduceren deze investeringen het aantal lopende audit issues?
  • Bestaat er goedkeuring van andere directieleden voor deze investering in security?
  • Kunnen we hetzelfde resultaat bereiken tegen lagere kosten, door bijvoorbeeld een externe security consultant in te huren of een deel van de security taken uit te besteden?
  • Vraagt de investering instemming en support voor meerdere jaren?
  • Is er op korte termijn al return-on-investment te realiseren door gefaseerde invoering van de securitymaatregelen?
  • Welke resources zijn er allemaal voor nodig om de securitymaatregelen in te kunnen voeren?
  • In welke mate zijn de betreffende security technologieën al geadopteerd door de markt? Zijn wij de early-adopter (hoog risico) of heeft de hele branche het al in gebruik?
  • Hebben we zelf alle expertise en ervaring aan boord, of hebben we externe kennis nodig om tegen een acceptabel risico de securitymaatregelen in te voeren?


Als CSO zul je dus duidelijke antwoorden moeten kunnen geven op de bovenstaande vragen. Vooropgesteld dat de CEO de tijd neemt om deze vragen te stellen! 

Volgende keer zal ik ingaan op de vragen die de CIO aan de CSO kan stellen. 

Blijf dus alert! Volg de ontwikkelingen en geef je op om per email op de hoogte te blijven. 

Over BYOD én Cybersecurity gesproken!

Onsight IT Security Congres, 22 mei 2012 


Op 22 mei spreek ik op het IT Security Congres 2012 van Onsight in het Gelredome over Secure Bring Your Own Device. In de recente artikelen ga ik vaker in op Bring Your Own Device, Het Nieuwe Werken en het bijbehorende gebruikersgedrag. Voor veilige omgang met vertrouwelijke gegevens worden organisaties teruggeworpen op de individuele gebruiker. Bring Your Own Device is hier in mijn ogen de belangrijkste oorzaak van! 


Daarnaast zal ik de aftrap geven van de round table over Cybersecurity. Hierover heb ik vorig jaar bij het Heliview Congres Cybersecurity de presentatie Cybercrime - complexe materie vraagt om pragmatische aanpak gegeven. 


Kijk op http://onsight.nl/congres en meld je aan!